Kolom voetplaat – Kolom met open doorsnede onder druk
Beschrijving
In dit hoofdstuk wordt de Component-based Finite Element Method (CBFEM) van de kolomvoetplaat onder een stalen open doorsnede kolom belast op zuivere druk geverifieerd aan de hand van de componentenmethode (CM). De studie is opgesteld voor de kolom dwarsdoorsnede, afmetingen van de voetplaat, betonkwaliteit en afmetingen van het betonblok.
Componentenmethode
Er worden drie componenten in rekening gebracht: kolomflens en -lijf onder druk, beton onder druk inclusief grout, lassen. De component kolomflens en -lijf onder druk is beschreven in EN 1993-1-8:2005 Cl. 6.2.6.7. Het beton onder druk inclusief grout wordt gemodelleerd volgens EN 1993-1-8:2005 Cl. 6.2.6.9 en EN 1992-1-1:2005 Cl. 6.7. Er worden twee iteraties van het effectieve oppervlak gebruikt om de weerstand te bepalen.
De las is ontworpen rondom de kolom dwarsdoorsnede; zie EN 1993-1-8:2005 Cl. 4.5.3.2(6). De dikte van de las op de flenzen is gelijk gekozen aan de dikte van de las op het lijf. De afschuifkracht wordt alleen overgedragen door de lassen op het lijf, en een plastische spannigsverdeling wordt in aanmerking genomen.
Voetplaat onder HEB 240
Deze studie is gericht op de component beton onder druk inclusief grout. Een rekenvoorbeeld wordt hieronder getoond voor het betonblok met afmetingen a' = 1000 mm, b' = 1500 mm, h = 800 mm van betonkwaliteit C20/25 met een voetplaat met afmetingen a = 330 mm, b = 440 mm, t = 20 mm van staalsoort S235; zie Fig. 8.1.2.
De verbindingssterkte van het beton wordt berekend onder het effectieve oppervlak in druk rondom de dwarsdoorsnede; zie Fig. 8.1.1, itereren in twee stappen.
Voor de 1e stap geldt:
\[ f_{jd} = \frac{\beta_j k_j f_{ck}}{\gamma_c} = \frac{0.67 \cdot 2.908 \cdot 20}{1.5} = 26 \textrm{ MPa} \]
\[ c = t \sqrt{\frac{f_y}{3f_{jd} \gamma_{M0}}} = 20 \sqrt{\frac{235}{3 \cdot 26 \cdot 1.0}} = 35 \textrm{ mm} \]
\[ l_{eff} = b+2c = 240+2\cdot35=310 \textrm{ mm} \]
\[ b_{eff} = t_f+2c = 17+2\cdot35=87\textrm{ mm} \]
en voor de 2e stap geldt:
\[ f_{jd} = \frac{\beta_j k_j f_{ck}}{\gamma_c} = \frac{0.67 \cdot 3 \cdot 20}{1.5} = 27 \textrm{ MPa} \]
\[ c = t \sqrt{\frac{f_y}{3f_{jd} \gamma_{M0}}} = 20 \sqrt{\frac{235}{3 \cdot 27 \cdot 1.0}} = 34 \textrm{ mm} \]
\[ l_{eff} = b+2c = 240+2\cdot35=308 \textrm{ mm} \]
\[ b_{eff} = t_f+2c = 17+2\cdot35=85\textrm{ mm} \]
\[A_{eff} = 63463 \textrm{ mm}^2\]
Fig. 8.1.1 Effectief oppervlak onder de voetplaat
De normaalkrachtweerstand van de voetplaat volgens CM is
\[N_{Rd} = A_{eff} \cdot f_{jd} = 63436 \cdot 27 = 1701 \textrm{ kN} \]
De spanningen berekend met CBFEM zijn weergegeven in Fig. 8.1.2. De normaaldrukkrachtweerstand van de voetplaat volgens CBFEM bedraagt 1683 kN.
Fig. 8.1.2 Geometrie van het betonblok en normaaldrukkrachten onder de voetplaat belast door uitsluitend een normaalkracht
Gevoeligheidsstudie
De resultaten van de CBFEM-software zijn vergeleken met de resultaten van de componentenmethode. De vergelijking was gericht op de weerstand en de maatgevende component. Bestudeerde parameters zijn de afmeting van de kolom, de afmetingen van de voetplaat, de betonkwaliteit en de afmetingen van het betonblok. De kolom dwarsdoorsneden zijn HEB 200, HEB 300 en HEB 400. De breedte en lengte van de voetplaat zijn gekozen als 100 mm, 150 mm en 200 mm groter dan de kolom dwarsdoorsnede, de voetplaatdikte 15 mm, 20 mm en 25 mm. Het betonblok van kwaliteit C16/20, C25/30 en C35/45 met een hoogte van 800 mm, met breedte en lengte groter dan de afmetingen van de voetplaat met 200 mm, 300 mm en 400 mm. De invoerparameters zijn samengevat in Tab. 8.1.1. De hoeklassen rondom de kolom dwarsdoorsnede hebben een keeldikte a = 8 mm.
Tab. 8.1.1 Geselecteerde parameters
| Kolom dwarsdoorsnede | HEB 200 | HEB 300 | HEB 400 |
| Voetplaat uitkraging | 100 mm | 150 mm | 200 mm |
| Voetplaatdikte | 15 mm | 20 mm | 25 mm |
| Betonkwaliteit | C16/20 | C25/30 | C35/45 |
| Betonblok uitkraging | 200 mm | 300 mm | 400 mm |
De weerstanden bepaald met CM zijn weergegeven in Tab. 8.1.2. Één parameter werd gewijzigd, de overige werden constant gehouden op de middelste waarde. NRd is de weerstand van de component beton onder druk inclusief grout, Fc,fc,Rd is de weerstand van de component kolomflens en -lijf onder druk en Fc,weld is de weerstand van de lassen bij een uniforme spannigsverdeling. De verbindingscoëfficiënt βj = 0,67 werd gebruikt.
Tabel 8.1.2 Resultaten van de componentenmethode
| Kolom | V.p. uitkraging [mm] | V.p. dikte [mm] | Beton | B.b. uitkraging [mm] | NRd [kN] | 2.Fc,fc,Rd [kN] | Fc,weld [kN] |
| HEB 200 | 150 | 20 | C25/30 | 300 | 1753 | 1632 | 2454 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C25/30 | 300 | 2352 | 3126 | 3466 |
| HEB 400 | 150 | 20 | C25/30 | 300 | 2579 | 4040 | 3822 |
| HEB 300 | 100 | 20 | C25/30 | 300 | 2296 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 200 | 20 | C25/30 | 300 | 2408 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 150 | 15 | C25/30 | 300 | 1909 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 150 | 25 | C25/30 | 300 | 2795 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C16/20 | 300 | 1789 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C35/45 | 300 | 2908 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C25/30 | 200 | 2064 | 3126 | 3466 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C25/30 | 400 | 2517 | 3126 | 3466 |
Het model in CBFEM werd belast met de drukkracht totdat het betonblok zeer dicht bij 100 % lag. Dezelfde aanpak werd gebruikt om de weerstand van de lassen Fc,weld te bepalen.
Tabel 8.1.3 Resultaten van CBFEM
| Kolom | V.p. uitkraging [mm] | V.p. dikte [mm] | Betonkwaliteit | B.b. uitkraging [mm] | Betonblok [kN] | Fc,weld of Fc,Rd [kN] |
| HEB 200 | 150 | 20 | C25/30 | 300 | 1565 | 1835 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C25/30 | 300 | 2380 | 3205 |
| HEB 400 | 150 | 20 | C25/30 | 300 | 2710 | 3650 |
| HEB 300 | 100 | 20 | C25/30 | 300 | 2385 | 3205 |
| HEB 300 | 200 | 20 | C25/30 | 300 | 2420 | 3205 |
| HEB 300 | 150 | 15 | C25/30 | 300 | 1870 | 3204 |
| HEB 300 | 150 | 25 | C25/30 | 300 | 2915 | 3204 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C16/20 | 300 | 1850 | 3205 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C35/45 | 300 | 2975 | 3205 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C25/30 | 200 | 2380 | 3205 |
| HEB 300 | 150 | 20 | C25/30 | 400 | 2420 | 3205 |
Samenvatting
Verificatie van CBFEM ten opzichte van CM voor een voetplaat belast op druk is weergegeven in Fig. 8.1.3. De stippellijnen komen overeen met 110 % en 90 % van de weerstandswaarde. Het verschil bedraagt maximaal 14 % als gevolg van een nauwkeurigere bepaling van de rekenwaarde van de druksterkte van de verbinding en het effectieve oppervlak in CBFEM.
Fig. 8.1.3 Verificatie van CBFEM ten opzichte van CM voor een voetplaat belast op druk
Benchmarkgeval
Invoer
Kolom dwarsdoorsnede
- HEB 240
- Staal S235
Voetplaat
- Dikte 20 mm
- Uitkragingen bovenzijde 100 mm, linkerzijde 45 mm
- Staal S235
Fundering betonblok
- Beton C20/25
- Uitkraging 335 mm, 530 mm
- Diepte 800 mm
- Groutdikte 30 mm
Ankerbout
- M20 8.8
Uitvoer
- Normaalkrachtweerstand Nj.Rd = −1683 kN